HomeAboutLogin
       
       
 

   
In 1577 begint op de leeftijd van 63 jaar de Scheveninger Adriaen Coenensz aan zijn Visboek. In drie jaar tijd verzamelt hij daarin allerlei wetenswaardigheden over de zee, de kusten en kustwateren, de visgronden en de zeedieren. Hij schrijft er met grote kennis van zaken ruim 800 bladzijden mee vol. Zijn informatie haalt Coenensz uit zijn eigen praktijk. Hij was op Scheveningen visser en afslager en later ook strandvonder van Holland, zodat hem elk vreemd zeewezen dat aan land gebracht werd, onder ogen kwam. Zijn reputatie als kenner van de zee groeide mede dankzij de contacten die hij als autodidact wist te leggen met gestudeerde lieden in Den Haag en Leiden die hem geleerde werken over de zee uitleenden. Passages daaruit nam Coenensz over in zijn Visboek. Coenensz maakt van bijna elke bladzijde een apart kunstwerkje door met waterverf randen, kaders en lijsten te schilderen waarbinnen hij illustraties bij zijn teksten tekent. Hij moet zelf het bijzondere van zijn boek hebben ingezien. Er is namelijk in de gerechtsdagboeken van Leiden uit het jaar 1583 een aantekening gevonden waaruit blijkt dat hij toestemming vraagt zijn boek en zijn verzameling gedroogde vissen op 'de anstaende vrye jaermarckt en feest van de verlossinge (3 oktober) te mogen laeten zien, genietende van elc persoon een doyt en tbouc begeren te zien een oortgen'. Zijn gedroogde vis kon je voor een stuiver bewonderen, om het boek in te zien moest je een kwartje neertellen. Coenensz maakte zijn wetenschap dus te gelde.

Uitgaande van dit handschrift vervaardigde Coenensz enkele jaren later een tweede boek, het walvishandschrift, dat zich nu in Antwerpen bevindt, en een derde, ook met tekeningen van walvissen, dat nu deel uitmaakt van een Keulse collectie.

Via deze website is Coenensz Visboek in zijn geheel te bewonderen.

More on this Website

 
 
In 1577 begint op de leeftijd van 63 jaar de Scheveninger Adriaen Coenensz aan zijn Visboek. In drie jaar tijd verzamelt hij daarin allerlei wetenswaardigheden over de zee, de kusten en kustwateren, de visgronden en de zeedieren. Hij schrijft er met grote kennis van zaken ruim 800 bladzijden mee vol. Zijn informatie haalt Coenensz uit zijn eigen praktijk. Hij was op Scheveningen visser en afslager en later ook strandvonder van Holland, zodat hem elk vreemd zeewezen dat aan land gebracht werd, onder ogen kwam. Zijn reputatie als kenner van de zee groeide mede dankzij de contacten die hij als autodidact wist te leggen met gestudeerde lieden in Den Haag en Leiden die hem geleerde werken over de zee uitleenden. Passages daaruit nam Coenensz over in zijn Visboek. Coenensz maakt van bijna elke bladzijde een apart kunstwerkje door met waterverf randen, kaders en lijsten te schilderen waarbinnen hij illustraties bij zijn teksten tekent. Hij moet zelf het bijzondere van zijn boek hebben ingezien. Er is namelijk in de gerechtsdagboeken van Leiden uit het jaar 1583 een aantekening gevonden waaruit blijkt dat hij toestemming vraagt zijn boek en zijn verzameling gedroogde vissen op 'de anstaende vrye jaermarckt en feest van de verlossinge (3 oktober) te mogen laeten zien, genietende van elc persoon een doyt en tbouc begeren te zien een oortgen'. Zijn gedroogde vis kon je voor een stuiver bewonderen, om het boek in te zien moest je een kwartje neertellen. Coenensz maakte zijn wetenschap dus te gelde.

Uitgaande van dit handschrift vervaardigde Coenensz enkele jaren later een tweede boek, het walvishandschrift, dat zich nu in Antwerpen bevindt, en een derde, ook met tekeningen van walvissen, dat nu deel uitmaakt van een Keulse collectie.

Via deze website is Coenensz Visboek in zijn geheel te bewonderen. More...

 
       
 
         
          2018 © Timeline Index | Webwork.Amsterdam